Standaard bredere troittoirs, meer ruimte voor rolstoelen en kinderwagens en een handboek voor toekomstige ontwikkelingen. Met de vaststelling van de Beleidsnota Voetganger in januari 2026 wordt lopen in Utrecht onderdeel van de Omgevingsvisie. Afwijken van deze nieuwe kaders, minimale maatvoering en ontwerpprincipes bij gebiedsontwikkelingen en herinrichtingen moet worden gemotiveerd.
‘Met deze beleidsnota krijgt Utrecht de beleidsbasis om de ambities voor voetgangersruimte te realiseren’, schrijft het college van B en W in het aangenomen raadsvoorstel. De Beleidsnota Voetganger verschuift het beleid voor lopen van losse projecten naar een kader dat juridisch doorwerkt in ruimtelijke besluitvorming.
De nota wordt opgenomen in de Omgevingsvisie Utrecht en valt daarmee onder de Omgevingswet. Dat betekent dat het document kaderstellend is voor toekomstige herinrichtingen en gebiedsontwikkelingen. Afwijkingen zijn mogelijk, maar moeten expliciet worden gemotiveerd.
Met de vaststelling geeft de gemeenteraad invulling aan eerdere moties over ruimte voor lopen en toegankelijkheid. ‘Met deze nota maken we lopen, net als fietsen, een vanzelfsprekende en leuke manier om je te verplaatsen’, schrijft wethouder Senna Maatoug.
Nieuwe maatvoering als uitgangspunt
Centraal staat een aangescherpte norm voor de vrije doorloopruimte. Voor rustige voetpaden geldt voortaan 2,20 meter als standaar toegankelijkheid dmaat. Voor drukkere routes worden bredere profielen gehanteerd, afhankelijk van het aantal voetgangers per minuut.
Ook bij puntvernauwingen wordt de ondergrens verhoogd. Waar eerder 0,90 meter gold, wordt dit 1,30 meter. Daarmee wordt toegankelijkheid nadrukkelijker geborgd, ook wanneer obstakels zoals bomen of lantaarnpalen aanwezig zijn.
De gemeente kiest voor eenduidigheid. Bestaande Utrechtse richtlijnen weken onderling af en sloten niet altijd aan bij landelijke ontwerprichtlijnen. De beleidsnota kondigt aan dat de nieuwe uitgangspunten worden doorvertaald naar het Handboek Openbare Ruimte.
Doorwerking in ontwikkeling en beheer
De nieuwe kwaliteitseisen gelden bij alle nieuwe gebiedsontwikkelingen en herinrichtingen. Projecten in onder meer Merwede, Wisselspoor en het Beurskwartier passen deze principes al toe. Voor toekomstige Nota’s van Uitgangspunten wordt de beleidsnota leidend.
In de bestaande stad koppelt de gemeente onderhoud aan verbeteringen. Als riolering, wegen of warmtenetten worden aangepakt, wordt waar mogelijk ook meer ruimte voor voetgangers gemaakt.
Niet overal is voldoende ruimte of budget om de nieuwe maatvoering volledig toe te passen. De nota bevat daarom een stappenplan voor situaties waarin maatwerk nodig is. Afwijken blijft mogelijk, mits onderbouwd.
Meetbare doelen richting 2030
Aan het beleid worden indicatoren gekoppeld. Het aandeel verplaatsingen te voet moet groeien van 25 procent naar meer dan 33 procent in 2030. Via inwonersenquêtes wordt onder meer gemeten hoe bewoners de kwaliteit van looproutes en obstakels ervaren.
De ambitie reikt tot 2050, wanneer Utrecht een ‘echte voetgangersstad’ moet zijn. De uitvoering vindt gefaseerd plaats en hangt volgens Utrecht af van beschikbare ruimte en middelen.