Gezondheid wordt in Eindhoven voortaan gemeten en gewogen per gebied ter grootte van vier voetbalvelden. Met het Omgevingswetprogramma Gezonde Leefomgeving 2026–2035 introduceert de stad een gezondheidskaart met duizenden zeshoeken. Die schaal maakt het mogelijk om gezondheid concreet mee te wegen in gebiedskaders, tenders en vergunningen.
‘Met een nieuwe aanpak concretiseren we in het omgevingswetprogramma Gezonde Leefomgeving op inhoud, borging in de beleidscyclus en samenwerking met de stad’, stelt de gemeente in de samenvatting. Gezondheid wordt daarmee niet alleen beleidsambitie, maar expliciet onderdeel van ruimtelijke sturing.
Het programma vertaalt doelen uit de Omgevingsvisie 2.0 en ander stedelijk beleid naar een gebiedsgericht afwegingskader. Twee jaar na vaststelling volgt een eerste evaluatie. Daarna herijkt de gemeente per vier jaar, op basis van monitoring en effectmetingen per gebied.
Met het programma wil de gemeente drie doelen bereiken: drie extra gezonde jaren voor iedereen met aantoonbare gezondheidswinst, 20 procent minder gezondheidsverschillen tussen gebieden en gezondheid standaard meegewogen in alles wat wordt gebouwd of uitgevoerd.
Gezondheidskaart als sturingsinstrument
Kern van het programma is een stadsbrede gezondheidskaart. Eindhoven is opgedeeld in 3.620 zeshoeken van ongeveer 2,6 hectare, elk met een score op acht indicatoren die gezondheid sterk beïnvloeden.
Vier indicatoren zijn sociaal (sociaaleconomische status, eenzaamheid, stress en gezonde levensverwachting) en vier ruimtelijk (afstand tot groen, geluid en luchtkwaliteit, afstand tot basisvoorzieningen en inwoners per vierkante meter). Alle indicatoren worden even zwaar gewogen in een totaalscore van 0 tot 8.
De kaart combineert GIS-data met gegevens uit inwonersenquêtes. Drie indicatoren zijn direct gebaseerd op enquêtegegevens van inwoners. Bestaande datasets worden ruimtelijk verfijnd naar zeshoekniveau. De gemeente geeft aan dat verbetering van datakwaliteit en verdere integratie van databronnen nodig blijft.
De zeshoek wordt de basiseenheid waarmee prioriteiten worden vastgesteld en gebieden gestuurd kunnen worden. Initiatieven en projecten moeten bijdragen aan verbetering van de score en meerdere van de acht indicatoren tegelijk versterken.
Door het gekozen schaalniveau is volgens de gemeente nauwkeuriger aan te wijzen waar de meeste gezondheidswinst te behalen valt, welke ruimtelijke partners hier een rol in spelen en welke specifieke maatregelen het beste helpen.
Doorwerking in gebiedsontwikkeling
Het programma bevat voorbeelden van mogelijke juridische doorwerking. Vergunningen zouden in de toekomst alleen kunnen worden verleend als een project de zeshoekscore verbetert of minimaal gelijk houdt, eventueel met compensatiemaatregelen.
Ook wordt verkend hoe gezondheid als wegingsfactor kan worden opgenomen in aanbestedingen en gebiedskaders, volgens het principe ‘gebruik of leg uit’. De juridische verankering wordt in de komende twee jaar verder uitgewerkt.
In de uitvoering introduceert de stad ‘bundels’: combinaties van ruimtelijke, sociale en gedragsmaatregelen die meerdere indicatoren tegelijk moeten verbeteren. De gezondheidskaart wordt bovendien gekoppeld aan het Ontwikkelperspectief Eindhoven, een digital twin waarin ruimtelijke scenario’s integraal worden gesimuleerd.
Naast gezondheidsbevordering richt het omgevingsprogramma zich op externe veiligheid, geluid, geur, luchtkwaliteit en licht. Lichthinder en lichtvervuiling als gezondheids- en biodiversiteitsvraagstuk krijgen nadrukkelijk een plek in het beleid.