Een volwassen boom levert in zijn leven een maatschappelijke waarde op die kan oplopen tot ruim 60.000 euro. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van adviesbureau Rebel Group in opdracht van het Norminstituut Bomen. De berekening is gebaseerd op wetenschappelijk onderbouwde ecosysteemdiensten en kent een waarde van 2,52 euro per kubieke meter boomkroonvolume per jaar. Volgens directeur Marc Meijer gaat het om een minimumwaarde.
Rebel waardeert alleen diensten waarvoor voldoende wetenschappelijke onderbouwing bestaat: verkoeling, stimulans voor fysieke beweging, afvang van luchtverontreinigende stoffen, koolstofvastlegging, wateropvang en beleving van natuur. Gezondheidseffecten en verkoeling vormen met afstand het grootste deel van de jaarlijkse baten.
Andere ecosysteemdiensten, zoals biodiversiteit en culturele waarde, zijn nog niet meegenomen omdat hiervoor momenteel onvoldoende betrouwbare kwantificering beschikbaar is.
Daardoor is de totale boomwaarde in werkelijkheid waarschijnlijk hoger. Volgens Rebel kunnen sommige bedragen ook lager uitvallen, bijvoorbeeld in minder stedelijk gebied, maar zullen alle bedragen elkaar uitbalanceren. De 60.000 blijft volgens hen een betrouwbaar bedrag.
‘Als we geen bomen planten of bestaande bomen laten verdwijnen, leidt dat onherroepelijk tot hogere maatschappelijke kosten,’ zegt Meijer. ‘De zorgkosten bij hittestress en inactieve leefstijlen zijn enorm. Met dit model laten we zien dat bomen niet alleen kosten met zich meebrengen, maar nadrukkelijk ook opbrengsten.’
Een belangrijk element in het onderzoek is dat de totale levenslange waarde niet simpelweg wordt berekend door 2,52 euro te vermenigvuldigen met de hoeveelheid boomkroonvolume en de levensduur. Om tot een totale waarde van alle ecosysteemdiensten te komen, rekent Rebel met groeicurves én met verdiscontering, waardoor de baten in de toekomst worden omgerekend naar huidige waarde. Voor bomen van de eerste grootte loopt de contante waarde tussen 20 en 60 jaar daardoor op tot circa 59.400 euro. Bij middelgrote bomen gaat het om ruim 11.000 euro; bij kleinere bomen circa 4.900 euro.
Het rapport benoemt twee hoofdredenen waarom het boomkroonvolume (BKV) een geschikt, eenvoudig en reproduceerbaar kengetal is om de waarde van bomen te bepalen:
- Het is direct verbonden met het functionele deel van de boom
De meeste ecosysteemdiensten worden geleverd door het blader- en takoppervlak (zoals verkoeling, wateropvang en luchtzuivering). BKV correleert sterk met deze functionele componenten, aanzienlijk beter dan bijvoorbeeld stamdiameter of simpelweg het aantal bomen.
- Het is robuust voor verschillen in boomvorm en -conditie
Twee bomen met dezelfde stamdiameter kunnen een volledig verschillend kroonvolume hebben. BKV houdt hier wel rekening mee en geeft daardoor een realistische, stabiele maat die minder gevoelig is voor variatie in soort, conditie of groeivorm.
Grote bomen leveren veel meer op
Hoewel € 2,52 per kubieke meter een generiek gemiddelde is, benadrukt Rebel dat dit bedrag voor grote bomen een onderschatting is. Veel monumentale bomen hebben een kroonvolume dat vele malen groter is dan de grootste modelboom (4.000 kubieke meter bij 60 jaar). Voor kleinere bomen werkt de waarde juist enigszins overschattend. Deze systematiek leidt tot een evenwichtig kengetal dat breed toepasbaar is.
De terugkerende conclusie: grote bomen zijn veruit het meest waardevol. Precies in de leeftijdscategorie waarin veel gemeentelijke bomen nu al worden gekapt – vaak rond 35 jaar, terwijl de maatschappelijke baten juist daarna sterk toenemen. Eerder stelde Joost Verhagen (Cobra Groeninzicht) op Stadszaken dat het huidige kapbeleid daarmee vergelijkbaar is met een huis afbreken zodra de laatste dakpan is gelegd.
Uniforme methode in ontwikkeling
Het Norminstituut Bomen werkt samen met experts aan een uniforme nationale rekenmethode voor waardering van de ecosysteemdiensten op basis van euro’s per kubieke meter BKV. Deze moet worden gekoppeld aan een nieuw label, Eurotrees, waarmee gemeenten eenvoudig kunnen herkennen dat dezelfde uniforme systematiek wordt toegepast. Tijdens een themadag in februari worden de methode en het volledige rapport nader toegelicht.
Meijer hoopt dat de methode breed wordt ingezet in planvorming. ‘Groen wordt nu vaak enkel als kostenpost beoordeeld. Maar met deze waardering kun je zichtbaar maken wat volwassen bomen maatschappelijk teruggeven. Daarmee wordt het financiële gesprek in gebiedsontwikkelingen ineens heel anders.’
In Nederland bestaat al een Landelijke Bomennorm, gericht op het aantal bomen en boomkroonvolume. De norm is gekoppeld aan de 3-30-300 regel. Een bredere, landelijke groennorm ontbreekt nog.
Volgens Meijer ligt de basis er wel al: ‘We weten hoeveel kroonvolume nodig is voor een gezonde leefomgeving. De uitdaging is om dat structureel te verwerken in het stedenbouwkundig ontwerp. Ons onderzoeksresultaten dragen daar aan bij.’
| Presentatie onderzoek Het gehele onderzoek door Rebel Group wordt door het Norminstituut op 12 februari gepresenteerd en toegelicht voor haar licentiehouders. Voor meer informatie kan je contact opnemen met de stichting. |