TU Delft plant bos voor beter klimaat midden op de campus

Leestijd: 3 minuten

Waar veel steden hier en daar een boom toevoegen, neemt de TU Delft geen halve maatregelen: op de campus midden in de stad wordt een compleet bos gepland, met hoogteverschillen en diversiteit in bomen en planten. De universiteit wil zo laten zien hoe stadsgroen kan bijdragen aan klimaatadaptatie, biodiversiteit en verblijfskwaliteit en dat het concept nu al kan worden toegepast. 

‘Het is absoluut een stap ambitieuzer dan stadsgroen doorgaans is’, zegt onderzoeker Nico Tillie. Het klimaatbos is volgens de onderzoeker ook effectiever dan gewone typen stadsgroen door het aanbrengen van hoogteverschillen en diversiteit in de geplante bomen. 

In het bos krijgen zowel klimaatadaptatieve maatregelen, biodiversiteit en recreatieruimte een plek. Het ‘bos’ is in twee maanden tijd aangelegd. 

Dit klimaatbos past in een bredere ambitie van de TU Delft om meerdere stadsbossen op haar campus te ontwikkelen, om zo klimaatbestendiger te worden en ecologisch onderzoek uit te voeren. 

De ondergrond van het bos functioneert als één wadi: Opgevangen regenwater van het faculteitsdak wordt naar deze plek geleid. 

In het bos worden 25 verschillende boomsoorten geplant op vier verschillende hoogtes, afgestemd op hoe goed de bomen gedijen op natte standplaatsen.  

Zo staan esdoorns en naaldbomen op verhoogde grond en zijn wilgen onder straatniveau gepland. De hoogteverschillen zijn ook afgestemd op het gebruik door verschillende dier- en insecten. 

Er worden negen bodemtypes getest. ‘In de stedelijke context worden bomen vaak aangeplant met veengrond. Het uitgraven van die veengrond is niet duurzaam, dus zoeken we naar alternatieven waar bomen goed op reageren.’ 

Geen rocket science 

Het aanleggen van het klimaatbos was geen rocket science, zegt Tillie. Hij en collega-onderzoekers hopen met het klimaatbos aan gemeenten te laten zien dat dergelijke projecten nu al mogelijk zijn. ‘Voor iedere type wijk kan je een variant van dit klimaatbos ontwikkelen.’ 

Vooral rondom stadscentra en daarbuiten is daar ruimte voor, zegt Tillie. ‘In buitenwijken met weinig gebruiksgroen kunnen klimaatadaptieve ingrepen gestapeld worden op vergroening.’ 

In veel stedelijke gebieden staat de biodiversiteit onder druk. In sommige steden wordt daarom gepleit om de natuur leidend te laten zijn in stedelijk gebied. Dit gebeurt bijvoorbeeld in het project Stad in een park dat onder andere in Breda wordt uitgevoerd. 

Verharde pleinen kunnen ook gehalveerd worden, om zo ruimte te behouden voor functies die verharding nodig hebben. Op de campus van TU Delft blijft bijvoorbeeld een fietsparkeerplaats behouden. 

In een gepland studieproject kijkt de TU Delft verder naar het aanleggen van klimaatbossen op brede lanen. Als voorbeeld geeft de onderzoeker de Dorslaan in Rotterdam. ‘Heel lang en breed, maar er staan alleen platanen. Ideaal voor een lineair forest.’ 

Groenonderhoud 

De principes van het klimaatbos op de TU Delft mogen worden overgenomen., aldus Tillie. Hij somt de kerningrediënten nog eens op: ‘Zolang je maar hoogteverschillen aanbrengt, aandacht besteedt aan welke bomen op welke hoogte moeten staan voor zowel biodiversiteit en de juiste standplaats, en nadenkt over de verblijfskwaliteit voor bewoners en andere gebruikers.’ 

Voor groenbeheerders betekent de aanleg van het klimaatbos wel een andere aanpak en goede instructies. In het klimaatbos wordt op meerdere plekken ruimte leeggelaten om te bestuderen hoe de natuur deze zelf invult. 

Deze stukken groen wordt door de afdeling groenonderhoud nu overgeslagen. De komende jaren wordt onderzocht wat dit voor groenbeheer betekent.  

De wijze waarop we onze steden bouwen en leefomgeving inrichten heeft bewijsbare impact op de gezondheid van mensen. Talloze wetenschappelijke onderzoeken wijzen op een verband tussen de inrichting van de leefomgeving en het aantal ziekenhuisopnames, chronische ziekten en het gemiddelde sterftejaar. Met meer vergroening of ruimte voor ontmoeting gaan deze statistieken aantoonbaar omlaag. Of het nu om mentaal welzijn of fysieke gezondheid gaat: een groene en gezonde leefomgeving doet er toe.

En waarom genezen als je beter kan voorkomen? Begin dit jaar ondertekenden gemeenten, GGD’s, zorgverzekeraars en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Stip op de horizon is een gezonde generatie in 2040 met weerbare gezonde mensen die opgroeien, leven, werken en wonen in een gezonde leefomgeving met een sterke sociale basis. Ook de Omgevingswet schrijft voor dat gezondheid als primair belang wordt meegewogen in ruimtelijke beleid en -inrichtingskeuzes.

Die gezonde leefomgeving zal steeds vaker een stedelijke leefomgeving zijn, want steeds meer mensen zoeken een plek in de stad. Of het nu grote, middelgrote of kleinere steden zijn: we wonen, werken en leven dichter op elkaar. En dat hoeft helemaal niet ten kosten te gaan van gezondheid, laten tal van inspirerende voorbeelden van gezonde stedelijke leefomgevingen zien. Op deze themasite presenteren we de bewijslast in de vorm van inspirerende verhalen en bundelen we praktische vakinformatie van onze journalisten uit onze titels Groen, Stedelijke Interieur en Stadszaken.nl.

De sleutel voor een gezonde generatie ligt voor een belangrijk deel bij degenen die de stedelijke leefomgeving inrichten en vormgeven. Schrijf u nu in voor de tweewekelijkse nieuwsbrief voor iedereen die wil bijdragen aan gezondere, aantrekkelijke en duurzame steden.