Nederlanders vergroenen vaker hun tuin; focus nodig op armere en nieuwe wijken

Leestijd: 3 minuten

Er moet meer aandacht komen voor vergroening van sociaal zwakkere- en nieuwbouwwijken, zegt directeur Roel van Dijk van Stichting Steenbreek. Tuinbranche Nederland meldt dat Nederlanders meer geld uitgeven aan tuinartikelen, maar er zijn volgens Steenbreek wel degelijk duidelijke aandachtsgebieden. Concrete diensten zoals ophalen van stenen of cadeau doen van planten en potgrond zijn daar effectief.  

De beweging richting meer groene tuinen zou moeten blijken uit omzetcijfers van Tuinbranche Nederland. In 2023 gaven Nederlanders zo’n 4 procent meer geld uit aan tuinartikelen, meldde de club aan NOS

Het Instituut voor Natuureducatie en Duurzaamheid (IVN) ziet ook een stijgende lijn van Nederlanders die hun tuin willen vergroenen. Zij benoemt de noodzaak van groenere tuinen als verkoelende oplossing tegen hittestress, het tegengaan van wateroverlast en het versterken van biodiversiteit. 

Maar het vergroenen van de particuliere tuin gaat niet overal even makkelijk. Roel van Dijk, directeur van Stichting Steenbreek, vraagt daarbij vooral aandacht voor sociaal zwakkere wijken en nieuwbouwlocaties. 

‘Bij de sociaal zwakkere wijken zie je dat relatief veel verharding in tuinen en de openbare ruimte. Dit zijn ook de lastigere wijken om te ontstenen, omdat de bewoners vaak andere zaken aan hun hoofd hebben dan het vergroenen van hun tuin’, aldus Van Dijk.  

Hij baseert zijn inzichten op de Steenbreek Atlas, een interactief dashboard van Stichting Steenbreek met kaarten over de mate van verstening in tuinen en openbaar groen.  

Stichting Steenbreek lanceerde in januari dit jaar ook al de Kansenkaart, een jaarlijkse infographic voor haar leden met daarop lokale vergroeningskansen. Aangesloten gemeenten hebben inzicht in hun eigen buurten en kunnen zo gerichter aan de slag met participatieprojecten. 

Nieuwe tuin 

Op nieuwbouwlocaties zijn projectontwikkelaars vaak doordrongen van de noodzaak van een natuurinclusieve en groene leefomgeving. Zij richten de openbare ruimte steeds vaker klimaatadaptief in. Dat wil volgens Van Dijk niet zeggen dat dit effect doordringt tot in de privétuinen. 

‘Bij de tuinen zie je veelal het tegenovergestelde. Deze worden vaak versteend omdat mensen geen tijd en of groene vingers zeggen te hebben.’ 

In nieuwbouwwijken, waar eerste bewoners starten met een lege tuin, ontstaat volgens de directeur van Steenbreek al snel het ‘zwaan-kleeft-aan-effect’. Dit houdt in dat bewoners het verstenen van de tuin vaak bij elkaar kopiëren.  

Stichting Steenbreek ontwikkelde daarom samen met KAN Bouwen een magazine voor bewoners van een nieuwbouwwoning met tuin. In dit ‘glossy magazine’ verhalen, interviews, overzichten, tips, columns en veel foto’s.  

Bewoners van een nieuwbouwwoning, waarbij de tuin kaal wordt opgeleverd, krijgen zo alle informatie van A tot Z om een groene tuin aan te leggen. Het magazine wordt door projectontwikkelaars aan nieuwe bewoners overhandigd om hen zo te ondersteunen en te stimuleren voor een groene tuin te kiezen. 

Stenen ophalen 

‘Het is de taak van gemeenten en partijen als Steenbreek om te vergroenen waar de noodzaak het grootste is. Daar moet je mensen van de juiste kennis voorzien’, zegt Van Dijk. ‘Het helpt hierbij om in te spelen op de juiste momenten. 

Direct na een verhuizing of tijdens een herstructurering van openbare ruimte in een wijk, zijn bewoners volgens de directeur ontvankelijker voor vergroening.  

De steun vanuit gemeenten hoeft niet altijd direct financieel te zijn, benadrukt hij. Bewoners voelen zich vaak al enorm gesteund door enkel diensten aan te bieden, zoals het ophalen van stenen of het leveren van tuinaarde en planten. 

‘Het aandachtspunt is en blijft: kwaliteit op de lange duur’, hamert Van Dijk. ‘De focus ligt nu veelal op aanplant, maar hoe ziet het er na verloop van tijd uit? Dat is een belangrijk punt, want als de planten doodgaan is de kans?groot dat de tegel er weer in gaat’. 

De wijze waarop we onze steden bouwen en leefomgeving inrichten heeft bewijsbare impact op de gezondheid van mensen. Talloze wetenschappelijke onderzoeken wijzen op een verband tussen de inrichting van de leefomgeving en het aantal ziekenhuisopnames, chronische ziekten en het gemiddelde sterftejaar. Met meer vergroening of ruimte voor ontmoeting gaan deze statistieken aantoonbaar omlaag. Of het nu om mentaal welzijn of fysieke gezondheid gaat: een groene en gezonde leefomgeving doet er toe.

En waarom genezen als je beter kan voorkomen? Begin dit jaar ondertekenden gemeenten, GGD’s, zorgverzekeraars en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Stip op de horizon is een gezonde generatie in 2040 met weerbare gezonde mensen die opgroeien, leven, werken en wonen in een gezonde leefomgeving met een sterke sociale basis. Ook de Omgevingswet schrijft voor dat gezondheid als primair belang wordt meegewogen in ruimtelijke beleid en -inrichtingskeuzes.

Die gezonde leefomgeving zal steeds vaker een stedelijke leefomgeving zijn, want steeds meer mensen zoeken een plek in de stad. Of het nu grote, middelgrote of kleinere steden zijn: we wonen, werken en leven dichter op elkaar. En dat hoeft helemaal niet ten kosten te gaan van gezondheid, laten tal van inspirerende voorbeelden van gezonde stedelijke leefomgevingen zien. Op deze themasite presenteren we de bewijslast in de vorm van inspirerende verhalen en bundelen we praktische vakinformatie van onze journalisten uit onze titels Groen, Stedelijke Interieur en Stadszaken.nl.

De sleutel voor een gezonde generatie ligt voor een belangrijk deel bij degenen die de stedelijke leefomgeving inrichten en vormgeven. Schrijf u nu in voor de tweewekelijkse nieuwsbrief voor iedereen die wil bijdragen aan gezondere, aantrekkelijke en duurzame steden.