D66 Amsterdam: ‘Stem openbare ruimte beter af op vrouwen’

Leestijd: 2 minuten

Het college van Amsterdam moet haar openbare ruimte beter afstemmen op vrouwen en andere doelgroepen die zich hier kwetsbaarder voelen. Dat verzoekt D66-raadslid Elise Moeskops. ‘De vrouw’ is volgens haar de ultieme graadmeter voor kwalitatieve, veilige openbare ruimte. Ook vijandige architectuur moet in de ban, naast het vergroenen van de stad en het afremmen van mobiliteit. 

De concrete ideeën uit haar initiatiefvoorstel zijn volgens Moeskops niet eens het belangrijkste onderdeel. ‘Het gaat vooral om een verandering van denken over de openbare ruimte van Amsterdam’, schrijft ze in de conclusie van het voorstel. 

De openbare ruimte moet gastvrijer en veiliger, aldus het raadslid. ‘De vrouw’ is volgens haar de beste graadmeter voor de inclusiviteit van de publieke ruimte. Ook noemt zij, door een onderzoek van de Erasmus Universiteit aan te halen, vrouwen ‘de otters van de openbare ruimte.’ 

Daarmee doelt ze op de otter die wordt gezien als indicator voor kwalitatief goed rivierwater.  De vrouw is dit volgens de onderzoekers en D66 Amsterdam voor een veilige en toegankelijke openbare ruimte. 

Gastvrije architectuur 

Ze verzoekt het college daarbij om het concept ‘gastvrije architectuur’ verder te definiëren en integraal onderdeel te maken van de inrichting van de openbare ruimte.  

Bij ongastvrije – of vijandige – architectuur gaat het bijvoorbeeld om bankjes waar intentioneel leuningen of puntige uitsteeksels op worden geplaatst, zodat mensen er niet op gaan liggen. Dergelijke ingrepen zijn overigens eerder bedoeld tegen dak- en thuislozen. 

Moeskops wijst daarmee naar de overlap tussen een vrouwvriendelijke omgeving en een gastvriendelijke omgeving. Volgens haar moet er bij herinrichtingen een standaard toetsmoment komen op gastvrijheid. 

De vrouw moet worden gezien als graadmeter van veiligheid en inclusiviteit in de openbare ruimte. Een belangrijk onderdeel daarin is het afstoten van vijandelijke architectuur, door bij alle stadsdelen te sturen op een inventarisatie.  

Vrouwen moeten beter worden betrokken bij nieuwe ontwerpen en herontwikkelingen. Ook stelt Moeskops voor om kennis uit te wisselen met het Weense Frauenbüro, een lokale gemeentelijke afdeling die zich met dit thema bezighoudt. 

Het voorstel kan volgens de woordvoerder van Moeskops rekenen op relatief brede steun, zoals een meerderheid in de Amsterdamse raad. 

Niet-inclusieve ruimtelijke ordening 

De gemiddelde Amsterdammer maakt steeds minder gebruik van de openbare ruimte. Nog maar 10 procent van kinderen speelt vaker buiten dan binnen, aldus Moeskops, ten opzichte van 65 procent in de tijd van ‘hun ouders’. Het initiatiefvoorstel koppelt dit aan de huidige ontwerpen van die ruimte.  

‘Ruimtelijke ordening is ontworpen voor de ‘standaardmens’, aldus Moeskops in haar voorstel. Die standaard mens is volgens haar al eeuwen de gezonde, witte en heteroseksuele man. ‘Er wordt nog veel gebouwd voor een bepaalde lichamelijke aspecten: iemand van gemiddelde lengte, met goed zicht, op twee benen.’ 

Van de Nederlandse vrouwen voelt 44 procent zich onveilig in het openbaar. Zij blijven daardoor vaker binnen en mijden parken. Ook de LGBTQ+ gemeenschap, mensen met religieuze uitingen of mensen van kleur hebben relatief veel te maken met straatintimidatie, schrijft het raadslid. 

De wijze waarop we onze steden bouwen en leefomgeving inrichten heeft bewijsbare impact op de gezondheid van mensen. Talloze wetenschappelijke onderzoeken wijzen op een verband tussen de inrichting van de leefomgeving en het aantal ziekenhuisopnames, chronische ziekten en het gemiddelde sterftejaar. Met meer vergroening of ruimte voor ontmoeting gaan deze statistieken aantoonbaar omlaag. Of het nu om mentaal welzijn of fysieke gezondheid gaat: een groene en gezonde leefomgeving doet er toe.

En waarom genezen als je beter kan voorkomen? Begin dit jaar ondertekenden gemeenten, GGD’s, zorgverzekeraars en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Stip op de horizon is een gezonde generatie in 2040 met weerbare gezonde mensen die opgroeien, leven, werken en wonen in een gezonde leefomgeving met een sterke sociale basis. Ook de Omgevingswet schrijft voor dat gezondheid als primair belang wordt meegewogen in ruimtelijke beleid en -inrichtingskeuzes.

Die gezonde leefomgeving zal steeds vaker een stedelijke leefomgeving zijn, want steeds meer mensen zoeken een plek in de stad. Of het nu grote, middelgrote of kleinere steden zijn: we wonen, werken en leven dichter op elkaar. En dat hoeft helemaal niet ten kosten te gaan van gezondheid, laten tal van inspirerende voorbeelden van gezonde stedelijke leefomgevingen zien. Op deze themasite presenteren we de bewijslast in de vorm van inspirerende verhalen en bundelen we praktische vakinformatie van onze journalisten uit onze titels Groen, Stedelijke Interieur en Stadszaken.nl.

De sleutel voor een gezonde generatie ligt voor een belangrijk deel bij degenen die de stedelijke leefomgeving inrichten en vormgeven. Schrijf u nu in voor de tweewekelijkse nieuwsbrief voor iedereen die wil bijdragen aan gezondere, aantrekkelijke en duurzame steden.