Met ‘routekaart stadsnatuur’ betrekt Tilburg creatieve denker bij groen

Leestijd: 6 minuten

De gemeente Tilburg en Kunstloc Brabant willen met de stadsnatuur routekaart bewoners, bezoekers en professionals actief betrekken bij de vergroening van de stad. De route laat verschillende vormen van stadsnatuur zien. De route loopt naast inspirerende parken ook langs versteende locaties. Dit moet creatieve denkers uitnodigen om met originele ontwerpen te komen voor plekken die zij graag groener zien.

De stadsroute loopt langs veertien locaties met stadsnatuur in het centrum. Op de kaart staan tien inspirerende voorbeelden van stadsnatuur en vier plekken die de gemeente graag nog verder vergroend ziet worden. Van het meer bekende Spoorpark en het Wilhelminapark tot een verstopte kinderboerderij en de entree van museum De Pont: het initiatief moet stadsgroen onder de aandacht brengen bij bewoners, bezoekers, vormgevers en kunstenaars. Want voor de natuur hoeven Tilburgenaars niet naar buitengebieden zoals de Oisterwijkse vennen, ook in het centrum is ontspannend groen te vinden.

De stadsroute werkt volgens stadsecoloog Mischa Cillessen ook als een activerend middel, een kapstok waar bewoners en professionele partijen op aan kunnen haken met hun ideeën over stadsgroen en versteende plekken te verbeteren. De stadsecoloog is samen met Anneke Moors, adviseur architectuur en vormgeving bij Kunstloc Brabant, initiatiefnemer voor het project.

In de keuze voor de veertien locaties is gekeken naar succesvolle groenvoorzieningen, deels bekend en deels onbekend bij Tilburgers. Maar ook de invloeden van het religieuze en industriële verleden van Tilburg en van de Middeleeuwse herdgangen op de stadsnatuur komen naar voren. Met behulp van de kaart worden deelnemers per locatie geïnformeerd over onder andere het ontstaan en het ontwerp van het stadsgroen, de wijk waarin het groen zich bevindt en hoe lang het groen al bestaat. Met icoontjes zijn de locaties verdeeld onder verborgen groen, vernieuwend groen, herdgang, industrieel verleden en ‘uitdaging’.

Die uitdagingen zoals een versteend Mr JH De Pontplein en een behoefte aan een grotere biodiversiteit in de Interpolistuin zijn toegevoegd als open uitnodiging naar wie wil meedenken over vergroeningsmaatregelen die de verblijfskwaliteit en biodiversiteit van deze locaties vergroot. ‘Deze routekaart is een oproep aan creatieve professionals: er gebeurt heel veel in de ontwikkeling van deze stad, draag via innovatieve vormgeving van het groen bij aan de klimaatadaptatie, biodiversiteit en identiteit van Tilburg’, legt Moors uit.

‘Het is goed om bij projecten ook enige ruimte te laten voor verbeeldingskracht en experiment. Van daaruit kunnen innovatieve vormen ontstaan.’

Journalist Jesse Kiel liep de route samen met ecoloog Cillessen en adviseur Moors

Omdenken

Dat creatief denken voor oplossingen zorgt, laat de route onder meer zien op de Gasthuisring. Hier is het onmogelijk om bomen te planten door kabels en leidingen onder de grond. Klimplanten en struiken zijn wel toegestaan. Door het plaatsen van een stalen rek in een rechtopstaande koker laat de gemeente planten, zoals blauwe regen, hier de hoogte in groeien. In de koppen broeden nu stadsvogels zoals houtduiven en merels.

Een andere creatieve uiting is het boren van gaatjes in boompalen, die jonge bomen rechtop houden, om insecten een alternatief insectenhotel te bieden. ‘Het is een manier om de stad via een omweg te vergroenen op ooghoogte. Op plekken waar eerst nog niets was, daar kan je eigenlijk van alles’, aldus Cillessen. Creatieve denkers moeten de gemeente helpen om dit ook op andere plekken te bereiken.

De verbeeldingskracht en can-do mentaliteit van ontwerpers en kunstenaars kan ambtenaren helpen om patronen te doorbreken. Zij denken meer vanuit mogelijkheden, niet vanuit kaders en beperkingen, aldus Moors. ‘Veel creatieve professionals willen graag bijdragen aan de oplossingen voor opgaven rond klimaat en leefbaarheid.’ Concrete uitdagingen, zoals geschetst op de kaart, maken het volgens de adviseur gemakkelijker om mee te denken in zo veel omvattende vraagstukken. ‘Het is goed om bij projecten ook enige ruimte te laten voor verbeeldingskracht en experiment. Van daaruit kunnen innovatieve vormen ontstaan.’

Een kans is het beleidskader Programma 013 Parken, bedoeld om in de komende jaren meer en groter Tilburgs groen aan te leggen. Hiervoor heeft de gemeente extra budget beschikbaar gesteld. ‘Zoals een Pieter Vreedeplein. Daar gaat veel steen weg, over het vergroenen zijn veel ideeën te bedenken’, zegt de stadsecoloog.

QR-code

Voor de gemiddelde wandelaar is de route vooral een dagje uit, verwacht Cillessen. De gemeente nodigt hen uit om Tilburg vanuit een ander perspectief te ontdekken en zelf mee te denken over vergroening. Moors: ‘We willen laten zien dat het niet alleen gaat om planten en bloemen, maar dat er ook vormgeving aan te pas is gekomen.’ De vorm van een park, van een groen plein of kunstwerk in het groen bepaalt voor een groot deel hoe je een plek beleeft, hoe je er doorheen loopt en in contact staat met je omgeving.’

Op de fysieke routekaart staat een QR-code die naar een landingspagina van Duurzamer Tilburg leidt met een uitgebreidere omschrijving van de uitdagingen voor de Tilburgse stadsnatuur. De gemeente verwelkomt hier suggesties voor een groenere omgeving. Ook worden op deze landingspagina de opbrengsten gedeeld van initiatieven die ontstaan vanuit de kaart. Zo kan iedereen met of zonder groene achtergrond bijdragen aan de ontwikkeling van stadsnatuur. 

Brabant kijkt mee

Er lopen al concrete gesprekken met andere Brabantse steden om het concept in grote lijnen over te nemen. In de ontwikkeling van het concept voor de stadsnatuur route kaart was ook stadsecoloog Rombout van Eekelen uit Breda betrokken. Gezamenlijk werd gekozen voor experience designer Pjotr van Kan, Kan Creations, om de route te vertalen naar een aantrekkelijk vormgegeven kaart. Na het besluit om als eerste in Tilburg te starten, zal Breda volgens Cillessen dan ook snel volgen. 

‘Ook Den Bosch heeft enthousiast gereageerd’, vertelt Cillessen. Met Eindhoven en Helmond is ook contact, al moeten die steden nog kijken hoe ze het project kunnen inbedden. ‘Maar met Tilburg, Breda en Den Bosch stel ik mij voor dat ze ook daar in de politiek hardop vragen waarom zij dit niet ook zouden aangrijpen?’ 

In overleg met de andere steden is wel bewust gekozen om het concept eerst in Tilburg tot uitvoering te brengen. Zo kunnen de volgende steden de lessons learned van de pilot in Tilburg meenemen en kijken hoe de kaart het beste kan worden ingezet om bewoners en professionals actief te betrekken.  

In het voorjaar, nog voor de lancering van de routekaart, toonde de afdeling Master of Architecture and Urbanism van de Fontys Hogescholen, al interesse in het project. In mei en juni zijn studenten aan de slag gegaan in een ontwerpstudio om twee van de vier ‘aandachtslocaties’ op de route aan te pakken. Cillessen en Moors zijn ook in gesprek met de bibliotheek Midden-Brabant over een mogelijke hackaton rond de uitdagingen op de kaart. De initiatiefnemers overwegen ook wandelingen onder begeleiding van een ecoloog te organiseren.

Het bewustwordingsproject heeft een open tijdlijn zonder einddatum in zicht. Moors: ‘De kaart is er pas net. We zetten een aantal lijnen uit naar organisaties die met een eigen activiteit kunnen aanhaken op de kaart en willen geen vooraf dichtgetimmerd plan. Er kunnen ook bijdragen uit onverwachte hoek komen. De kaart is bedoeld als katalysator die een groene ontwikkeling kan versterken’. De gemeente en Kunstloc Brabant onderzoeken ook waar er koppelingen met andere beleidsdoelen mogelijk zijn.

‘De kaart kan er over twee jaar anders uitzien, met nieuwe stadsnatuur ontwikkelingen die zijn toegevoegd’ aldus Moors. De initiatiefnemers hopen dat de route langs stadsnatuur tot meer bewustzijn leidt en prikkelt tot nieuwe initiatieven van bewoners en (creatieve) professionals. De gemeente ondersteunt deze initiatieven waar relevant graag met ecologische inbreng en wellicht een financiële bijdrage. 

De wijze waarop we onze steden bouwen en leefomgeving inrichten heeft bewijsbare impact op de gezondheid van mensen. Talloze wetenschappelijke onderzoeken wijzen op een verband tussen de inrichting van de leefomgeving en het aantal ziekenhuisopnames, chronische ziekten en het gemiddelde sterftejaar. Met meer vergroening of ruimte voor ontmoeting gaan deze statistieken aantoonbaar omlaag. Of het nu om mentaal welzijn of fysieke gezondheid gaat: een groene en gezonde leefomgeving doet er toe.

En waarom genezen als je beter kan voorkomen? Begin dit jaar ondertekenden gemeenten, GGD’s, zorgverzekeraars en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Stip op de horizon is een gezonde generatie in 2040 met weerbare gezonde mensen die opgroeien, leven, werken en wonen in een gezonde leefomgeving met een sterke sociale basis. Ook de Omgevingswet schrijft voor dat gezondheid als primair belang wordt meegewogen in ruimtelijke beleid en -inrichtingskeuzes.

Die gezonde leefomgeving zal steeds vaker een stedelijke leefomgeving zijn, want steeds meer mensen zoeken een plek in de stad. Of het nu grote, middelgrote of kleinere steden zijn: we wonen, werken en leven dichter op elkaar. En dat hoeft helemaal niet ten kosten te gaan van gezondheid, laten tal van inspirerende voorbeelden van gezonde stedelijke leefomgevingen zien. Op deze themasite presenteren we de bewijslast in de vorm van inspirerende verhalen en bundelen we praktische vakinformatie van onze journalisten uit onze titels Groen, Stedelijke Interieur en Stadszaken.nl.

De sleutel voor een gezonde generatie ligt voor een belangrijk deel bij degenen die de stedelijke leefomgeving inrichten en vormgeven. Schrijf u nu in voor de tweewekelijkse nieuwsbrief voor iedereen die wil bijdragen aan gezondere, aantrekkelijke en duurzame steden.